Op stap
door Honegem,
landschappelijk
erfgoed én natuurreservaat
Aan de oevers van Dore- en Molenbeek heeft zich op de vroegere Erpse gemene weiden en in de eeuwenoude turfputten een schitterend natuurgebied ontwikkeld. In 1992, het jaar dat het gebied integraal als landschap werd beschermd, verwierf Natuurpunt er een eerste perceeltje: de orchideeënweide. Dit jaar jubileert het reservaat samen met de werkgroep Honegem, die ondertussen verantwoordelijk is voor het beheer van een brok gevarieerde natuur van niet minder dan 35 hectare…
Turf
en vlas
Het natuurlandschap Honegem ligt op de grens tussen Lede, Erpe en Aalst en
beslaat in zijn totaliteit ruim 200 hectare. Nagenoeg centraal liggen de
Honegemse turfputten te Erpe. Na generaties op ambachtelijke wijze te zijn
ontgonnen, ontstond rond de nog steeds zichtbare putten een uniek moerasgebied.
Op de plaats waar ooit een meander van de Molenbeek verveende, werd er tot het einde van de 19de eeuw turf gestoken, lang voor steenkool bij ons als brandstof gebruikt werd. Nadien werd de ontstane depressie in gebruik genomen als vlasrootputten. Het vlas werd in de putten gelegd en kreeg zwarte els en zware stenen over zich. Na een week rusten kwam de vlasvezel los en kon hij gebruikt worden om te spinnen.
Precies om de waarde van het gebied blijvend te kunnen beschermen, zijn aankopen door Natuurpunt een hele stap vooruit in het beheer ervan.
Landschappelijk
erfgoed én natuurreservaat
Het hele gebied ademt een bijna onwaarschijnlijke rust uit. Sommige delen
zijn nog afgezoomd met knotwilgenrijen of gevarieerde houtkanten. Dat wil
Natuurpunt ook rond de nieuwe verworven percelen realiseren. Met de klassering
van het gebied Honegem-Solegem-Sint-Apollonia, gaf de Vlaamse Gemeenschap de
vereniging in 1992 een duwtje in de rug. Door dit beschermingsbesluit mogen
wettelijk geen storende wijzigingen aan het landschap worden aangebracht.
Daarenboven is het reservaat sinds 1996 officieel erkend en in 2001 werd Honegem
nog afgebakend als Europees Habitatrichtlijngebied.
Een
werkgroep van vrijwilligers
Het beheer van het reservaat is een hele opdracht voor de vrijwilligers van
Natuurpunt. Zo werd het uitzicht van het centrale deel van het gebied
aanzienlijk gewijzigd door het rooien van 500 kaprijpe populieren. Op die manier
wordt geprobeerd de vroegere gemene weiden van de Honegemmeers te herstellen.
Door nauw samen te werken met de plaatselijke landbouwers wordt er gestreefd
naar een win-win situatie. Win voor de landbouwer ? Hij mag in de grote
weidecomplexen runderen en trekpaarden laten grazen. Bemesting of gebruik van
pesticiden zijn natuurlijk uit den boze. Win voor de natuur: zij krijgt opnieuw
al de kansen waar ze recht op heeft.
Dodaarsjes,
Rallen en Paardenbijters…
Binnen Honegem vinden een aantal zeer typische, soms zelfs uitzonderlijke,
dieren en planten een stekje. Op het vlak van de amfibieën heeft Honegem een
reputatie: het is een uniek gebied in Vlaanderen door de aanwezigheid van, naast
kikkers en padden, alle vier de soorten watersalamanders, waaronder de
spectaculaire Kamsalamander.
Egelskoppen,
Vrouwenmantels en Ratelaars…
Het meest in de kijker springend is de rijke en uitbundige moeras- en
graslandflora. Er is bijvoorbeeld de Grote egelskop, met een vrucht die lijkt op
een kleine egel. Of het Moeras-vergeet-mij-nietje en de Waterviolier. Aan de
rand van de turfputten beheert de Werkgroep Honegem een hooiweide. Na een jaar
beheer bloeiden er opnieuw Koekoeksbloem, Grote ratelaar en Pinksterbloem. Elk
jaar ontdekt de werkgroep er een paar nieuwe soorten. Bijzonder is het
blauwgrasland van Reebroek te Lede. De samenstelling van de vegetatie is er
uitzonderlijk, zo bevestigden meerdere specialisten van instituten en
universiteiten. De Blauwe zegge verleent haar naam aan dit schraal graslandtype.
Daarnaast zijn soorten als Kale vrouwenmantel, Tormentil, Gevlekte orchis en
Blauwe knoop kenmerkend.
De bosjes in het gebied herbergen dan weer een andere flora. De Paarse
schubwortel, de Bosgeelster en de Eenbes zijn slechts enkele van de merkwaardige
soorten. Ook in de houtkanten staan minder bekende heesters zoals Veldesdoorn,
Sleedoorn en Wegedoorn.
Overigens is heel het gebied gedurende drie jaar grondig geïnventariseerd. De
resultaten zijn te vinden in “De Flora van Honegem”, een 100 pagina's
tellend rapport (door de Nationale Plantentuin van Meise bekroond), waarin een
verspreidingskaartje is opgenomen voor elk van de niet minder dan 415 soorten.
Wie
was Joos d’Hooghe ?
Leuk is het geheimzinnige verhaal van Joos d'Hooghe. Niemand weet wie hij is of
vanwaar hij kwam, alleen zijn dood werd in de turfputten vastgesteld. Hij
verdronk er in 1744. Gewoon een ongeluk of is hij toch om het hoekje geholpen ?
Enkele oude gebouwen aan de rand van het gebied zijn ankers in dit wijde
landschap. Het Doornlarekapelleke, gebouwd langs een historische kerkwegel,
staat letterlijk onder een oude rode meidoorn, het Gillekeshof is een prachtige
eeuwenoude vierkantshoeve die momenteel gerestaureerd wordt, en de nog draaiende
Cottemmolen op de Molenbeek is industriële archeologie van de bovenste plank.
Het Honegemgebied is in meer dan één opzicht de moeite waard.
Wandelen
en genieten
Er is keuze aan meerdere gemarkeerde wandelroutes die zich door de weiden, beken
en bossen slingeren. Speur ook eens naar eenden en steltlopers vanuit de
vogelkijkhut ’t Rot.
Het centrale gedeelte van het reservaat is niet toegankelijk wegens de grote
verstoringskans voor de broedvogels. Voor groepen staan natuurgidsen klaar die
je meenemen naar de mooiste plekjes.