Fauna & Flora van Honegem

Habitats

Binnen de grenzen van het landschap en het reservaat kunnen we de volgende voornaamste biotopen of habitats en hun natuurwaarden onderscheiden:

moeras     historisch grasland     blauwgrasland    bos

Deze 4 habitats stemmen overeen met de beschermingszones waarvoor het gebied afgebakend is als Europese habitatrichtlijngebied:
- Aanwezigheid van een aanzienlijke populatie van de Kamsalamander (Triturus cristatus)
- Mesofiel grasland: Laaggelegen schraal hooiland (Alopecurus pratensis, Sanguisorba officinalis)
- Halfnatuurlijke vochtige graslanden met hoge kruiden: Grasland met Molinia op kalkhoudende, venige, of lemige kleibodem (Eu-Molinion).
- Bossen van het Europese gematigd gebied: Alluviale bossen met Alnus glutinosa en Fraxinus excelsior (Alno-Padion, Alnion incanae, Salicion albae)

moeras
Het moeras is onstaan door de vroegere turfwinning en het latere gebruik als vlasrootputten. De flora is gekenmerkt door zeggeveldjes en open water. De natte vegetatie behoort tot het gele waterkers / watertorkruid-verbond. We vinden er bovendien hoge cyperzegge, moeraszegge, grote lisdodde, wederik, kattestaart, watermunt, grote egelskop. De rijke onderwaterfauna is het voedsel voor salamanders, watervogels en libellen.

historisch grasland
Voormalig vochtig hooiland van de vroegere gemene weiden. Tot in de jaren '50 werd het gras van de percelen in de Erpse Honegemmeers openbaar per opbod verkocht tijdens het laatste weekend van juni. Op 1 juli begon iedereen zijn stuk te maaien met de zeis. Na het maaien mocht eenieder er zijn vee laten grazen.
Dit hooiland is gekenmerkt door een bloemenrijke vegetatie met soorten als echte koekoeksbloem, kleine ratelaar, brede orchis, addertong, ... Slechts enkele kleine percelen vertonen nog steeds deze eigenschappen van weleer. Enkele soorten zijn echter voorgoed verdwenen zoals het trilgras of bevertjes.

Anderzijds treffen we te Honegem het iets drogere echte mesofiel hooiland aan. De kensoorten voor dit vegetatietype zijn glanshaver, grote bevernel, duizendblad, wilde peen, bereklauw, rapunzelklokje. Dit grasland is zeer in trek bij talrijke vlindersoorten. Ook hiervan zijn er slechts een paar relicten bewaard van waaruit de typische soorten de naburige weiden kunnen koloniseren. Als floristisch toemaatje groeit er ook de in Vlaanderen sterk bedreigde bosgeelster.

blauwgrasland
Blauwgrasland is een schraal graslandtype dat buiten de Kempen en Limburg zeer zeldzaam is geworden. Een schitterend relict is te Honegem (kadasterbenaming d'Heye en Reebroek) gespaard gebleven van zware bemesting en herbiciden. Zeldzame soorten zijn er nog steeds aanwezig zoals blauwe knoop, blauwe, zwarte, geelgroene en bleke zegge, gevlekte en brede orchis, tormentil, egelsboterbloem. Ook hier vinden insecten, zoals sprinkhanen en vlinders, een goed onderkomen.

bos
De bosjes te Honegem herbergen een typische voorjaarsflora met bosanemoon, slanke sleutelbloem, salomonszegel, gevlekte aronskelk, gele dovenetel, eenbes. Ook bij de houtachtigen vinden we een interessante variatie met spaanse aak, sleedoorn, eenstijlige en tweestijlige meidoorn, wegedoorn, sporkehout, rode kornoelje, gelderse roos. Een grote uitdaging voor het gebied, op lange termijn, is het vervangen van de vrij belangrijke populierenaanplanten door streekeigen soorten als es, els, zomereik. In dit biotoop vinden we ook belangrijke vogelsoorten terug die er broeden; sperwer, buizerd, ransuil, groene, grote bonte en kleine bonte specht, gekraagde roodstaart, ...

Meer specifiek zijn er ook de alluviale beekbegeleidende elzen-essenbosjes. Daarin vinden we soorten terug die kenmerkend zijn voor regelmatige overstromingen; gulden boterbloem, bosgeelster, rivierhelmkruid, bosvogelmuur, ... En pas in 1999 werd de paarse schubwortel ontdekt.